logo
Ik ben hier samen met mijn man en kinderen naartoe gekomen uit Kismayu. Daar waren we boeren en teelden we maïs, bananen, mango’s, tomaten – van alles wat. Alles werd geplunderd door militieleden die ons alles afnamen. Mensen werden verkracht en gedood. 

Foto’s door: Matias Costa.
Ik maak deel uit van een groep vrouwen die samenwerken om in het onderhoud van onze gezinnen te voorzien. De groep bestaat uit vrouwen die seksueel geweld hebben overleefd, weduwen en gescheiden vrouwen. Eerst overleefden we door brandhout te verzamelen, dat we dan in het kamp verkochten. Daarna verkochten we snoep en snacks, tot we steun vroegen aan het IRC om een bakkerij te beginnen. 

Het leven is een beetje beter nu. De bush in trekken was niet zonder gevaar, maar nu we in de bakkerij werken, kunnen we dicht bij onze gezinnen blijven. We staan om vier uur’s morgens op om aan het brood te beginnen, maar we kunnen nu boeken en pennen kopen waar onze kinderen mee naar school kunnen gaan. 
We zijn altijd dankbaar voor wat God ons geeft, maar in de 20 jaar dat ik in Kenia leef, heb ik nog nooit een voet buiten dit kamp gezet. Als ik aan Somalië denk, denk ik aan de vrijheid die we hadden en hoop ik alleen maar dat Somalië opnieuw uit zijn as zal herrijzen, zodat wij terug kunnen naar ons geboorteland.
Shukri
Hagadera-vluchtelingenkamp, Kenia
Hagadera-vluchtelingenkamp, Kenia
Shukri
Shukri
Hagadera-vluchtelingenkamp, Kenia
Hagadera-vluchtelingenkamp, Kenia
Shukri
Shukri
Hagadera-vluchtelingenkamp, Kenia
Hagadera-vluchtelingenkamp, Kenia
Shukri